Help, mijn kind heeft talent

Zaterdagochtend, tien uur ’s ochtends. Moeder ligt loom in het gras aan de zijlijn van het nog natte voetbalveld. Dat gebeurt niet vaak: dat het mooi weer is als de jongens (F1) moeten spelen. Nog minder vaak word ik aangesproken door een onbekende oudere man in trainingspak. Ed is zijn naam. Hij is scout. Mijn zoon (de kleine Finn, net 8 geworden) blijkt talent te hebben. Wat nu?

Talent hebben is mooi natuurlijk. Maar, het brengt ‘net als iets waarin een kind niet zo goed is’ behoorlijk wat rompslomp met zich mee. Hoever wil je daarin gaan als moeder? Hoe begeleid je een kind met talent?

Bepaal wat je je kind wilt meegeven

Ben jij een ‘tigermom’ die de plicht voelt om alles uit haar kind te halen wat erin zit? Of ben je een nuchtere Hollandse van het type ‘doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg’. Voordat je besluit om een talent (of dit nu voetbal is, of iets heel anders) wel of niet te ondersteunen, is het handig om na te gaan hoe je dat precies wilt doen.

Wordt het ‘oefenen- afzien&doorbijten’ of ‘mocht-mijn-kind-talent-hebben-dan-komt-dat-er-sowieso-wel-uit’. Wie je ook bent en wat je ook doet, bijzonder is de constatering dat we bij dingen die we zien als zwaktes (ADHD, dyslexie, autisme) vaak hard gaan rennen, terwijl we die neiging bij talent in Nederland een stuk minder hebben.

Kies je eigen pad

Zo kwam ik dus op een mooie zondagmorgen terecht bij de voetbalschool die Finn gescout had. De oefeningen zagen er gedegen en goed uit. De didactische kwaliteiten van de trainers vond ik verschrikkelijk. Althans voor Finn. Er was absoluut geen aandacht voor hem. De groep was groot. Er was geen overleg. Hij liep huilend over het veld. Dat had ik hem nog nooit zien doen. Voetbal is zijn lust en zijn leven. Was het een kwestie van doorzetten, of van luisteren naar mijn intuïtie (‘Dit klopt niet’). Alle alarmbellen rinkelden. Talent of niet, dit gaat nooit werken voor Finn.

Als ik één ding geleerd heb daar is het om een eigen pad te kiezen: een uniek pad dat past bij mijn ‘unieke’ kind en zijn karakter.

Werk samen met je kind

In gesprek met Finn kwamen we eruit dat hij wel heel graag extra wilde voetballen, ongeacht zijn talent. Maar, niet op de manier van de voetbalschool die hem benaderd had. Totaal onbekend in de wereld van de voetbalscholen, besloten we te kijken wat er nog meer mogelijk was. Via Google ontdekten we dat Nederland barst van het voetbaltalent. De mogelijkheden voor begeleiding zijn oneindig: voetbalclinics, voetbalweken, voetbalvakanties (zelfs in Turkije), voetbalscholen, privé trainers, privé programma’s. Rondbellend en Googlend kwamen Finn en ik uit bij een voetbalschool waar we wel eens een kijkje wilden gaan nemen.

Die school bleek een schot in de roos. Ongeacht het talent dat het kind heeft, werkt die voetbalschool aan het verbeteren van de individuele techniek van je kind. Kleine groepjes, gedreven trainers, aandacht voor het individu. Trainers met niet alleen verstand van voetbal, maar ook van mensen/kinderen. Finn genoot. We hadden een match.

Maar, ook nog werk aan de winkel.

Zet je netwerk in

Want naast het trainen (twee keer per week) en de wedstrijden (één keer per week) bij zijn eigen club en naast de intensieve dyslexiebehandeling, moest hij nu ook nog één keer in de week naar de voetbalschool. Dat vergt onevenredig veel tijd en energie in een gezin met nog twee kinderen, die ook op allerlei clubjes en sportverenigingen zitten. Het inzetten van mijn netwerk was als full time werkende moeder bittere noodzaak. Opa ‘doet’ de wedstrijden en een deel van de trainingen. Een bevriende moeder neemt ook een training voor haar rekening. Ik laat haar zoon weer bij mij eten elke woensdag. Het is puzzelen, regelen, ruilen en vragen en het werkt!

Budget

Daarnaast kost de weg die we nu ingeslagen zijn ook best veel geld. Vinden we ‘lekker voetballen’ zo belangrijk dat we daarvoor niet alleen veel tijd willen vrijmaken, maar ook veel geld willen besteden. En zo ja, waar halen we dat vandaan? Net zoals netwerken, is financiën puzzelen.

Zin

En natuurlijk blijft Finn ook gewoon een kind. Meestal heeft hij zin om te trainen. Soms gaat hij liever Sint Maarten lopen. Wat doe je dan? Dwing je hem te trainen, of is hij vrij in zijn keuzes: het is immers zijn leven. Wat ik gedaan heb is hele goede afspraken gemaakt over hoe onze samenwerking eruit ziet. Elke keer opnieuw goed kijken wat hij wil, wat de consequenties zijn van zijn keuzes en wat hij nodig heeft.

Je weet het nooit

En of hij écht talent heeft? Of dat het zijn droom is en mijn verlangen? Ik weet het echt niet. Ik heb geen verstand van voetbal. Ik kan het dus niet zien. Ik weet niet hoe hij zich ontwikkelt. Je weet niet hoe zijn leven loopt.

Talent stimuleren is als beleggen. Wat het uiteindelijke rendement zal zijn, blijft onbekend.

Voetbalschool Techniek

Finn zit op de Voetbalschool Techniek in Zuidoostbeemster, onder de bezielende begeleiding van Charles van Altena.