Een puber opvoeden, hoe doe jij dat?

Je eigen vlees en bloed. Het liefst bescherm je ze tegen alle gevaren van de grote boze wereld en tegelijkertijd willen we dat ze uitgroeien tot zelfstandige denkende persoonlijkheden met een eigen karakter die eigen keuzes kunnen en durven maken. Het loslaten van je kind begint letterlijk al in een vroeg stadium, de eerste stapjes die het alleen wil zetten of zelf de lepel vast wil houden om te eten. Laat je los, dan bestaat de kans dat ze vallen of het eten tot in hun haar zit. Nou én…

Ik weet het zelf het beste

Met twee pubers thuis van 15 en 18 vind ik het loslaten lastig en misschien niet eens omdat ik ze wil beschermen tegen het vallen, maar vooral ook omdat ik het altijd beter weet… Ik weet toch welke keuzes ze moeten maken, ik weet wat goed voor ze is, ook op de lange termijn. Het gebeurt me zeer regelmatig dat ik mezelf terug moet fluiten, want met mijn verstand wéét ik dat het beter is om ze zelf een keuze te laten maken, ook al is dat niet meteen de juiste. Ze leren het meest uit eigen ervaring, niet omdat ik ze het allemaal voor kauw. Het allerbelangrijkste is dat ik er ben als ze vallen, niet om ze op te vangen, maar als ze weer opgestaan zijn. En dan zeggen dat ze het goed hebben gedaan.

Loslaten

sneakers-531172_1920Als leerkracht is het loslaten net iets makkelijker. Hoeveel ik ook om al mijn leerlingen geef, ze zijn niet mijn eigen vlees en bloed en daar kun je dan toch objectiever mee omgaan. Klein voorbeeld zijn de ruzies tussen de leerlingen, zeker nog bij de kleintjes, mijn kleuters dus. Vaak genoeg zeg ik dan “Bedenk samen eens hoe je het kunt oplossen” of zelfs “Ik ben er even niet, jullie moeten het zelf oplossen” en stuur ze dan eigenlijk gewoon weg. En weet je wat, in de meeste gevallen is het dan zó opgelost!  Mijn twee zoons konden me met dit soort opmerkingen aankijken alsof ze water zagen branden. Hoe kon hun mama dit nou doen?! En met alleen die blik in hun oogjes hadden ze me weer zover dat ik het oploste. Het is ook niet makkelijk om je kind te zien worstelen. Naar zijn of haar strijd toekijken vanaf de zijlijn terwijl jij een oplossing klaar hebt. Daarnaast is het gewoon fijn dat je weet dat je nodig bent, dat jij degene bent die voor ze kan zorgen, die over ze waakt. Maar van téveel zorg of téveel aangedragen oplossingen, worden kinderen ook niet wijzer en zal hun onzekerheid eerder toenemen.

Geborgenheid

Zorg in ieder geval dat je kind zich thuis veilig voelt, dat het weet dat hij/zij bij jou terecht kan. Altijd. In dat opzicht doe ik het aardig, want mijn jongste van 15 omschreef zijn veilige gevoel als “Jij wordt pas later boos”. Met andere woorden, hij durft eerst naar huis te komen, wetende dat ik er eerst ben om hem op te vangen en het standje of regelrechte straf volgt dan later pas. Een kind wat zich niet veilig voelt, zal er niet voor kiezen om als eerste thuis aan te kloppen, maar zoekt hulp misschien eerder bij vriendjes.

Grenzen stellen

Alle kinderen vragen om regels, grenzen zodat zij er tegen aan kunnen schoppen. Want dát is hun groeiproces.  Heel vermoeiend als ouders, maar als we ons daarvan bewust zijn, is het misschien iets makkelijker om hun geschop tegen jouw grenzen af en toe maar gewoon te nemen zoals het is. Ze schoppen om het schoppen. Op het moment dat er geen grenzen meer zouden zijn, voelen ze zich alleen en aan hun lot overgelaten. Erg jammer is dat ze dat alleen zelf nog niet doorhebben.

Niet alleen

chaos-227971_1920En troost je… het is gelukkig overal hetzelfde. Ik moet ze nog ontmoeten, de ouders wiens kinderen hun kamer altijd opgeruimd houden, die alles wat op de trap ligt mee naar boven nemen, die meteen doen wat je vraagt en noooit roepen: “Doe ik straks” of “Wacht even…”

Daarbij komt het in de meeste gevallen uiteindelijk wel goed. Pubers van nu zijn in wezen niet zoveel anders dan de pubers van toen.

En nu ik dit zit te schrijven, commandeer ik de twee puberknullen hier dat ze de  afwasmachine even uit moeten ruimen. Je wil niet weten welke blikken ik toegeworpen krijg!

Zucht… Maar IK doe het niet. Echt niet! (……)