Ben ik toch niet de super moeder?

Het is een prachtige dag als Pepijn geboren wordt. Binnen een dag voel ik me al op en top moeder. Dit kind voldoet aan alle verwachtingen en is zo volmaakt. Hij slaapt als dat moet, hij drinkt als dat moet en hij straalt naar iedereen. Omdat Pepijn precies doet wat er van hem verwacht wordt, voel ik me als moeder echt super. Alle vriendinnen hebben slapeloze nachten, baby’s die niet willen drinken, poepen, lachen etc. Maar mijn kind niet. En dat komt natuurlijk omdat ik het allemaal zo goed voor elkaar heb….  Tot Pepijn één jaar wordt. Dan zien we hem langzaam veranderen. Hij wordt minder lief en krijgt boze buien. Hij gaat ineens slecht slapen, veel huilen en soms zelfs andere kindjes slaan. Ik voel me falen als moeder. Ben ik dan toch niet DE super moeder?

Niet veel later wordt Merijn geboren. Twee jongetjes vlak na elkaar dat worden maatjes voor het leven! Pepijn lacht naar zijn broertje, maar wil zelf wel alle aandacht houden. Merijn is nog niet zo gelukkig in het leven en huilt ontzettend veel. Dat geeft veel onrust en te veel slapeloze nachten. We raken langzaam uitgeput maar moeten door! Steeds meer valt me op dat Pepijn niet prettig reageert. Hij is veel bang en doet vreselijk lelijk tegen zijn broertje.  Ook op de creche gaat het niet goed. Hij huilt daar veel en wil graag thuis zijn. Want thuis is veilig, zegt hij! We modderen nog een tijdje aan, maar dan breng ik het toch ter sprake bij het consultatiebureau. Zij schrikken van de verhalen en sturen ons door naar bureau Jeugdzorg. Daar wordt Pepijn getest. Hij is dan bijna 3 jaar. Uit die test komt weinig tot niets. Hij heeft een harde hand nodig en een duidelijke aanpak!